Welke muziek klonk deze week in Villa VPRO?
Cars – The Leisure Society
De Engelse groep The Leisure Society brak vorig jaar op bescheiden schaal door met de cd The sleeper. De groep bestaat uit een paar neo folk-jongens uit Burton-on-Trent met een voorliefde voor banjo’s, ukeleles, violen en dwarsfluiten. Dat zanger Nick Henning in het verleden onder meer zijn geld verdiende met het schrijven van filmmuziek zal de luisteraar niet verrassen. The sleeper gaat vergezeld van een bonus-cd met b-kantjes en restmateriaal A product of ego drain, waaronder deze mooie, rijk gearrangeerde en zorgvuldig opgebouwde versie van het eighties-elektro-hitje Cars van Gary Numan.
Zie en hoor een live-versie van Cars door The Leisure Society hier.
En zo herinneren zich de veertigplussers onder u Cars nog. Tegen wil en dank, vermoedelijk, maar toch.
My persecution complex – Zoey van Goey
My persecution complex van het Schotse trio Zoey van Goey, vernoemd naar een meisje dat de Amish-gemeenschap ontvluchtte en onder de hoede terecht kwam van kunstenaar Keith Haring, onder wiens vleugels zij zich zelf ook ontwikkelde als kunstenares. De cd The cage was unlocked all along verscheen op het illustere label Chemikal Underground (Delagados, Arab Strap). Zie en hoor ook Zoey van Goeys We all hid in basements hier.
Climbing the fjelds of Norway – Thus: Owls
Hoewel de titel misschien anders doet vermoeden, is Climbing the fjelds of Norway echt van een Zweedse groep, die zich Thus: Owls noemt. Zo artistiek als die naam klinkt, klinkt ook de muziek. Blikvanger is de enigszins Björkiaanse zangeres Erik Alexandersson. Vorig jaar was Thus: Owls het voorprogramma van de Canadees Patrick Watson – dat Erika Andersson zich sinds kort ook Erika Angell noemt komt omdat ze in het huwelijk is getreden met de gitarist uit Watsons band. Climbing the fjelds of Norway is terug te vinden op de cd Cardiac malformations. Hoor een flard Thus: Owls hier.
Demon host – Timber timbre
Openingsnummer van de nieuwe, titelloze derde cd van de Canadese groep Timber timbre, tot op grote hoogte het project van Taylor Kirk uit Toronto. Dat hij zijn muziek zelf graag als ‘gothic rockabilly blues’ betitelt zet je al snel op het verkeerde spoor, want de nummers zijn rustig en subtiel. Gothic zijn wel de teksten, want Kirk houdt wel van een tikkie luguber, zoals in Demon host.
Zie en hoor Timber timbre en Demon host http://hier.
Aretha, sing one for me – George Jackson
Eén van de nummers die Cat Power uitkoos voor haar cover-cd Jukebox (2008) was Aretha, sing one for me uit 1972, van de relatief onbekende zanger en songschrijver George Jackson. Van deze Memphis soul-zanger verscheen vlak voor de jaarwisseling op Kent Records een uitstekende overzichts-cd, George Jackson in Memphis 1972-77. Jackson werkte overigens ook veelvuldig samen op Hi met de deze week overleden legendarische soul-producer Willie Mitchell. Mitchell, die vooral bekend werd als de man verantwoordelijk voor het prachtige geluid op de platen van Al Green in de jaren zeventig, is één van de twee muzikale doden die deze eerste week van 2010 waren te betreuren (de andere is Mexicaans-Canadese zangeres Lhasa de Sela, die op nieuwsjaarsdag op 37-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van longkanker).
Hoor George Jackson en Aretha, sing one for me, geproduceerd door Willie Mitchell, hier.
Surface of the sun – Exene Cervenka
Ze noemt zich nu eens Christene of Exene Cervenka, dan weer Exene Cerkenkova of Christene Edge, deze zangeres die enige bekendheid geniet als zangeres van de punkgroep X uit Los Angeles. Dit nummer staat op haar nieuwe cd Somewhere gone, waarop de punkdiva de country ontdekt.